We geloven in geesten en in goden en in (on)geluksgetallen

Lai-Ming vertelt hoe de Chinese tradities rondom leven en dood een rol blijven spelen in haar leven. Lai-Ming woont en werkt in Nederland. Haar ouders komen uit Hongkong en wonen ook in Nederland. Lai-Ming is 26 jaar en woont samen.

Over de dood

Mijn oma is overleden en is in Hongkong begraven. Ik ben niet bij de begrafenis geweest. Mijn familie woont net buiten de stad en mijn oma is begraven boven op een berg. De berg bevindt zich achter onze huizen, zodat overleden dierbaren dichtbij ons zijn. De achterliggende gedachte bij het begraven op een berg is dat zielen daar tot rust kunnen komen omdat het er stil is en moeilijk bereikbaar. De zielen kijken als het ware vanaf de bergen op ons neer en wij kijken naar hen op. Het is in feite een weerspiegeling van de relatie die we met ouderen hebben gedurende het leven. We hebben respect voor hen en kijken tegen hen op.

Afscheid nemen

Ik vind het belangrijk om afscheid van iemand te nemen. Het is het laatste moment dat je iemand nog ziet en nog wat kan zeggen. Vaak lukt dat niet omdat we als familie ver van elkaar vandaan wonen. Wat ik zou willen zeggen bij een afscheid van een dierbare? Ik zou zeggen: ‘Ga gerust, het is goed, je blijft in mijn gedachten. Ga maar en je reis zal voorspoedig zijn.’ Als je dat niet zegt, kan de geest misschien bij je rond blijven hangen. Wat ik belangrijk vind, is dat je er voor elkaar bent, erkenning van het verdriet is belangrijk. Dat hoeft niet altijd in woorden. De een huilt, de ander niet.

Doden moeten bij ons met eerbied en respect worden begraven

Als doden niet met respect en eerbied worden begraven, zijn we bang dat de geest van de dode zich op ons kan wreken. Daarom doen we er alles aan om iemand met respect en volgens de traditie te begraven. We geloven ook dat als je in je leven geen respect hebt getoond voor je familie, gemoord hebt of suïcide hebt gepleegd, je niet volmaakt kan gaan. We vragen ons dan af of je in je nieuwe leven wel geluk krijgt. Als iemand heengaat, wordt het lichaam naar een rouwcentrum gebracht. De kist wordt daar geopend en is meestal omringd door bloemenkransen met middenin een tekst en wie de afzender is. Als bezoekers binnenkomen maken ze met wierookstokjes in de hand drie rituele buigingen voor de kist.

De ziel van de overledene heeft een reis van zeven weken te gaan

We geloven niet dat iemand echt dood gaat, maar wel dat hij naar een andere wereld gaat. Mensen hebben twee zielen, de hun- ziel en de po- ziel. De hun-ziel is de ziel uit het Westelijk Paradijs (het hiernamaals) en deze ziel keert daar weer naar terug na het overlijden. De po- ziel is verbonden aan het lichamelijke en blijft daar ook na het overlijden een poosje. De ziel van de overledene heeft een reis van zeven weken te gaan voordat het Westelijk Paradijs bereikt wordt. Tijdens deze reis komt hij allerlei gevaren tegen. Om te zorgen dat deze reis zo spoedig mogelijk verloopt, geven nabestaanden daarom rijst, stokken en geld in de kist mee, zodat de overledene zichzelf kan redden op zijn weg naar het Paradijs.

Er zijn twee dagen per jaar waar we overledenen bezoeken en eten offeren bij het graf: 5 april Qing Ming (gravenfeest) en 24 augustus Chung Yuan (hellefeest). De dagen waarop de feesten vallen verschilt per jaar, vanwege de Chinese telling.


Voorouderverering

Bij ons wordt veel belang gehecht aan voorouderverering. De meeste Chinezen hebben thuis een huisaltaar met daarop foto’s of een naambord van degenen die zijn gestorven. Voor de foto of het naambord staan offergaven en het liefst offert men elke ochtend voedsel en zet men brandende wierookstokje neer. We geloven dat voorouders nog invloed kunnen uitoefenen op het leven van de nabestaanden. We geloven in geesten en goden en in ongeluksgetallen en geluksgetallen.

Geesten en Goden

Ik zeg altijd: ‘We hebben niet echt een geloof, maar geloven wel in wat anderen bijgeloof noemen.’ We geloven in goden en geesten en willen de boze geesten afweren. Het is voor ons heel belangrijk de geesten en goden tevreden te stellen. De meeste Chinezen doen dit door wierook te branden en nepgeld te verbranden. Hiermee geven ze aan dat ze de doden geld en rijkdom willen meegeven zodat zij ons met rust laten. Als we dat niet doen kunnen ze ons kwaad berokkenen. Als je een geest ziet, is hij nog niet klaar om weg te gaan. Hij heeft nog een taak die niet afgemaakt is of wil wraak nemen. Bij mensen die suïcide hebben gepleegd, was het hun tijd nog niet. Ze verlangen vaak ook nog naar de aarde. Ze hebben geen afscheid kunnen nemen. Ik denk dat ze hun geliefden vaak geen pijn hebben willen doen. Soms hebben ze juist een einde gemaakt aan hun leven om de zorgen van anderen te verminderen. Als je een geest ziet, kan je naar de tempel om bescherming te vragen. Er worden dan spreuken opgezegd en je krijgt een gelukspapiertje mee dat gezegend is en het kwade van je afhoudt.
Door rituelen kan gezorgd worden dat de geest op weg gaat naar zijn bestemming. Er wordt dan bijvoorbeeld gezegd: ‘Ga maar, het is goed zo, hoe eerder je gaat, hoe eerder je in het hiernamaals komt.’

Geesten buiten de deur houden

Wij hebben in onze huiskamer een beeld, Qwuang Kong, dat tegenover de deuropening staat en geesten buiten de deur houdt. Ook in een slaapkamer moet je zorgen dat het voeteneinde niet tegenover de deuropening staat omdat anders de geest via de voeten in je kan komen. Veel mensen houden zich aan de richtlijnen van Feng Shui die aangeeft hoe je woonomgeving het beste ingericht kan worden om positieve energieën te krijgen. Hoog boven de buitendeur hebben mijn ouders een achthoekig plaatje hangen, met in het midden een spiegel. Als een geest de deur in wil komen, ziet hij zichzelf in de spiegel. Hij ziet dan zijn eigen geestbeeld dat hem terug zal kaatsen. Het geloof in geesten is diep verankerd. Als we een blanke zien, is hun koosnaam ‘geestjongen’, omdat de meeste geesten er wit uitzien.

Offeren voor de Goden en vragen om geluk en bescherming

Ook de goden worden niet vergeten. In oktober bijvoorbeeld zijn er rituele dagen waarop de goden worden geëerd als het volle maan is. Mijn moeder gaat dan naar buiten, offert wierook en zet eten klaar voor de goden. Als mijn moeder wierook brandt, vraagt ze hardop aan de goden om gezondheid en geluk en bescherming, vooral voor diegenen in de familie waar het op dat moment minder goed mee gaat. Misschien kun je het vergelijken met een kaarsje neerzetten in een katholieke kerk voor een overledene. Bij ons vragen we voorspoed voor mensen die nog leven.

Als je naar een begrafenis bent geweest en in dezelfde maand naar een verjaardag gaat van iemand in de familie, kan je ongeluk brengen

Als ik naar een begrafenis ben geweest, mag ik in die maand niet naar een verjaardag van iemand in de familie of naar een geboorte van een kind. Je kan dan ongeluk meebrengen. Als ik jarig ben en in die maand wordt een kind in de familie geboren, dan mag ik daar ook niet naar toe, omdat onze karakters kunnen botsen. De opa van mijn vriend was in februari overleden. De begrafenis was in februari. Mijn zus en nichtje zijn in februari jarig. Ik wist dat wanneer je naar een begrafenis gaat, je dan niet naar een verjaardag mag gaan omdat je dan mogelijk ongeluk meebrengt. Mijn moeder stelde voor maar niet naar de begrafenis te gaan, maar wel naar de verjaardagen. Ik heb uiteindelijk zelf gekozen om naar de begrafenis te gaan, omdat ik dat belangrijker vond.

Ongeluksgetallen en geluksgetallen

We geloven niet alleen in goden en geesten, maar ook in ongeluksgetallen en geluksgetallen. Dit krijgen we van jongs af aan mee in de opvoeding en speelt mee in beslissingen die je neemt. Het getal 4 is een ongeluksgetal. Als je het uitspreekt is het hetzelfde woord als ‘dood’. Het is een getal dat je zoveel mogelijk moet vermijden omdat het ongeluk brengt. Mijn vriend en ik wilden een huis kopen, maar toen ik zag dat het huisnummer 4 was, zei ik tegen mijn vriend dat mijn ouders dat vast niet goed zouden vinden. Toen we gingen kijken lag er ook nog een begraafplaats tegenover. Het was dus dubbel op ‘bad luck’ en we hebben het niet gekocht. Je moet ook niet trouwen op een dag waar het getal vier in voorkomt. Ook dat brengt ongeluk. Het getal 8 is een geluksgetal en ook negen. Het getal 9 staat voor langdurig geluk. Als een vrouw trouwt, krijgt ze een rode enveloppe met geld erin. Als je eenmaal getrouwd bent, geeft de getrouwde vrouw weer aan ongetrouwde vrouwen een rode envelop met geld erin, met de gedachte erbij dat ze het geluk wat zij heeft door te trouwen op die manier kan doorgeven aan ongetrouwde vrouwen zodat ze ook snel hun geluk vinden in het trouwen. Dat geld moet dan een bedrag zijn met een negen erin. Hoe meer negens hoe beter. De huwelijksdatum en de datum van een begrafenis worden bepaald aan de hand van de kalender (maankalender). Ook kan je naar de tempel gaan om een juiste datum te vragen, zodat een gunstig moment kan worden uitgekozen.

Dilemma’s

Mijn ouders leven nog. Ik vind het moeilijk om aan mijn ouders informatie te vragen over de dood. Ik weet dat je het daar niet over moet hebben. Misschien kan mijn vader wel iets vertellen als ik zeg dat ik er voor mijn werk meer over moet weten. Maar het blijft een moeilijk onderwerp. Je praat namelijk niet over iets wat je wellicht ongeluk kan brengen.

Ik vraag me soms wel af hoe het bij mijn ouders zal gaan en hoe zij het willen. Ik heb een overlijdensverzekering aangevraagd, maar ik heb hem nog niet ingevuld. Dat doe je toch niet als je nog in leven bent... maar aan de andere kant kan je ook zomaar iets overkomen. We hebben zelf nooit uitleg gehad over de dood en wat er dan met je gebeurt. We hebben het er liever niet over.


Over het leven

Waarden en normen in mijn opvoeding

Ik heb in mijn opvoeding geleerd respect te hebben voor familie en ouderen. Je kunt respect tonen door te luisteren naar wat ouders graag willen. Soms kan dat autoritair overkomen. Mijn ouders hebben me al vroeg geleerd zelfstandig te zijn, eigen keuzes te maken. Hierdoor ben ik snel volwassen geworden. Ik moest al jong in het huishouden meehelpen en boodschappen doen. Ik heb zelf mijn studie moeten betalen door er naast te werken. Als iets fout gaat, is het je eigen schuld en moet je zelf weer kijken hoe het weer goed kan komen. Je bent verantwoordelijk voor je eigen handelen. Daardoor heb ik geleerd eerst altijd alles goed op een rijtje te zetten en geleerd zelf problemen op te lossen.

Wij zijn erg gericht op de toekomst

Een studie of werk is belangrijk om geld te verdienen en een goede baan te krijgen. Je kunt dan een huis kopen en je kinderen een goede toekomst geven en ook voor je ouders zorgen. Voor ons is dat vanzelfsprekend. Hierin zie ik verschil met mijn Nederlandse vriend. Zijn ouders beschermen en steunen hem, veel langer dan bij ons. Bij zijn ouders staan de kinderen voorop. Bij ons is dat eigenlijk andersom: staan onze ouders voorop. Ik ga niet zo snel naar mijn ouders toe om steun te vragen, omdat ik geleerd heb dat je zelf alles op orde moet hebben en juist hen moet steunen. Als we uit gaan eten zal ik bijvoorbeeld eerder voor mijn ouders betalen, terwijl de ouders van mijn vriend eerder voor ons zouden betalen. In onze relatie moet ik leren iets meer los te laten en hij moet leren iets beter te organiseren, te plannen en verantwoordelijkheid te dragen.

Je leert bij ons hard te zijn en snel volwassen te worden. Soms is dat goed, soms misschien niet. Wat ik wel goed vind, is dat we echte familiemensen zijn. Niet zozeer hecht in de zin van alles met elkaar in emotioneel opzicht delen en van elkaar weten, maar hecht in de zin van bij elkaar zijn als familie op belangrijke momenten.

Als familie bij elkaar op belangrijke momenten

Een zo’n belangrijk moment is Oud en Nieuw. Oud en Nieuw staan voor geluk.
Tijdens de jaarwisseling wens je dat jij en je familie geluk toekomt. Je moet dan als familie echt compleet zijn. We eten dan altijd lange bami. Lange bami staat voor een lang leven. Het getal voor een lang leven is negen. Getrouwde mensen geven dan een rode enveloppe aan ongetrouwde mensen. Rood staat voor geluk. Op de enveloppe kan een draak staan of een geluksgetal. Ouders geven aan kleine kinderen een enveloppe en gelukspapiertjes. In de enveloppe zit dan een rond bedrag. Als je de enveloppe geeft, zeg je: ‘geluk en rijkdom’.

Door: anoniem

Meld misbruik!
Reageer Via:
Reacties
Wil je de eerste zijn die reageert op dit item ? Klik op Reageer!

Vraag en antwoord

Stel je vraag aan de redactie en ontvang snel antwoord.

Volg ons ook op:

Jouw Troost voor Tranen profiel

Login met je e-mailadres en wachtwoord.
E-mailadres
Wachtwoord
Wachtwoord vergeten? Klik hier!

Nog geen account? Klik hier!

Sluiten